Eind vorig seizoen nam Bruno Vanterwyngen het roer over bij KFC Poperinge. Na een intense

slotfase en een vurige eindronde staat hij nu voor zijn eerste volledige seizoen als hoofdtrainer.

Een gesprek over keikoppen, ambitie en de unieke sfeer rond stamnummer 150.


Bruno, hoe reageerde je toen KFC Poperinge contact met je opnam?

"Toen ik het eerste telefoontje kreeg, zat mijn gevoel meteen goed. Het logo van KFC Poperinge

dwingt bij mij ontzag en respect af. In het provinciale voetbal staat Poperinge bekend als een

grote club. Als ik er vroeger met andere ploegen tegen moest spelen, waren dat altijd intense

wedstrijden. Bovendien beschikt de club over een grote en trouwe supportersschare."


Je hebt dus niet lang getwijfeld?

"Neen. Ook al had ik het eerste elftal slechts één keer live gezien, ik zag meteen dat er veel talent in de groep zat. De gesprekken met het bestuur voelden vertrouwelijk en positief aan. Ik had verschillende aanbiedingen gekregen, maar dit voelde als de enige juiste keuze.Poperinge is een echte voetbalstad. De accommodatie is prachtig, de jeugd speelt interprovinciaal en de club beschikt over een sterke omkadering. Veel mensen uit mijn omgeving verklaarden me gek omdat Poperinge zo ver rijden is vanuit Harelbeke, maar ondertussen ben ik die verplaatsingen gewoon."

"Ik had verschillende aanbiedingen, maar Poperinge voelde als de enige juiste keuze."


Geen vanzelfsprekende start

Vorig seizoen kwam je pas op het einde van de competitie. Hoe pak je zoiets aan?

"Dat was zeker geen vanzelfsprekende start. Ik kende aanvankelijk maar een paar spelers. Daarom wilde ik geen gekke dingen proberen. We maakten duidelijke afspraken en legden de nadruk op mentaliteit en inzet. Het belangrijkste was een mindset creëren waarin iedereen wilde knokken voor de punten."

Hoe verliepen die eerste weken?

"De eerste trainingen vond ik eerlijk gezegd maar matig. Na de wedstrijden tegen Proven en Keiem had ik zelfs ernstige twijfels. Dat leidde tot enkele kleine conflicten binnen de groep, maar die werden snel uitgepraat. Daarna pakte de mayonaise en zijn we met twee aanvallers beginnen spelen. Tijdens de eindronde spatte de goesting er plots van af, zowel bij de spelers als bij de supporters."

"Na Proven en Keiem had ik ernstige twijfels. Maar daarna pakte de mayonaise."


Hoe moet het KFC Poperinge van Bruno Vanterwyngen eruitzien?

"Ik hou ervan om gretig druk te zetten en gezond agressief te voetballen. We moeten durven kiezen voor de aanval. Ik hou van spelers die hard werken en van invallers die meteen iets willen tonen wanneer ze hun kans krijgen. Dat past bij Poperinge. Op het veld hoef je geen toffe gast te zijn. Je moet het je tegenstander gewoon verdomd lastig maken."

"Ik hoorde dat ze Poperingenaars keikoppen noemen. Wel, ik ben er zeker ook zo één."


De spelerskern is ruim. Hoe ga je om met ontgoochelde spelers?

"Communicatie is cruciaal. Ik praat veel met mijn spelers en geef altijd uitleg. Soms vinden spelers die uitleg niet leuk, maar ik ga het gesprek tenminste wel aan. Concurrentie houdt iedereen scherp. Tegelijk verwacht ik van iedereen honderd procent engagement. Een basisplaats moet je verdienen. Je krijgt niets cadeau."


Ambitie zonder grootspraak

Naar welke wedstrijden kijk je het meeste uit?

"Eigenlijk naar allemaal. Door mijn jarenlange periode bij Avelgem ken ik tweede provinciale heel goed. Ik ben ervan overtuigd dat we iets moois kunnen neerzetten. ,Voor mij behoren Zonnebeke, Moorsele, Moorslede en Avelgem tot de sterkste ploegen van de reeks. Uiteraard leeft ook de derby tegen Vlamertinge enorm bij de supporters."

Wanneer is het seizoen geslaagd?

"Als we niet in de problemen komen, als onze jonge spelers zichtbaar beter zijn geworden en als de spelersgroep een hecht team blijft. Ik denk dat we zeker meer kunnen doen dan ons louter redden."


Stamnummer 150 en het Hoppelied

Leeft het voetbal hier echt?

"Absoluut. Iedereen die ik tegenkom is enthousiast. Voor veel mensen hier is voetbal en de club een belangrijk deel van hun leven. Dit is nog een echte oldskool Vlaamse voetbalclub. Het stamnummer 150 alleen al is geweldig. Tijdens de eindronde in Winkel zongen de supporters het Hoppelied. Dat vond ik prachtig. Ik keek meer naar de tribune vol rood-gele supporters dan naar het veld."


De toekomst ligt ook bij de jeugd

Hoe wil je jonge spelers integreren in de A-kern?

"We trainen bewust met een grote groep, waarin ook enkele beloftevolle jongeren zitten. Sommige spelers uit de A-kern zullen regelmatig minuten maken bij de beloften, terwijl jeugdspelers kunnen proeven van het hogere niveau op training. Zo groeien ze stap voor stap richting eerste elftal. Maar ze komen er pas in als ze er écht klaar voor zijn."

Wat verwacht je van hen?

"Jongeren moeten er alles voor willen doen. Ze moeten beseffen dat niets vanzelf komt en dat elk procentje telt. Ik vraag honderd procent engagement, trouwens niet alleen van jongeren maar van iedere speler."

Waarom werd de technische staf uitgebreid?

"Met zo'n grote groep heb je een volwaardige T2 en een keepertrainer nodig. Dat is cruciaal om spelers individueel op te volgen en jongeren goed te begeleiden. Ik ben blij dat het bestuur daarin mee is gegaan."

Dank je wel Bruno voor dit interview! En misschien is het een goed idee dat je de tekst van het Poperingse Hoppelied uit het hoofd kent tegen half september (MVP)


Wie is Bruno Vanterwyngen?

Woonplaats: Harelbeke

Beroep: Leraar Engels en topsportcoördinator bij Rhizo OLV van Vlaanderen in Kortrijk.

Trainer:

• UEFA A-diploma.

• Negen seizoenen hoofdtrainer van KVK Avelgem.

• Promoveerde met Avelgem van derde naar tweede provinciale.

• Hield de club vervolgens zeven seizoenen op rij in tweede provinciale.

• Sinds zijn zeventiende actief als jeugdtrainer.

• Bruno speelt zelf ook nog steeds competitievoetbal, bij Studax KV Kortrijk